Het eindspel: winnen als de pot leeg is

Zodra de pot leeg is, is Wordfeud geen trekspel meer maar een rekensom: jij ziet aan wat er gespeeld is precies welke letters je tegenstander heeft. Wie dat gebruikt, wint partijen die op het bord verloren lijken.

De regels die het eindspel sturen

  • Het spel eindigt wanneer één speler zijn laatste tegel legt en de pot leeg is — of na drie keer passen op rij.
  • De restwaarde van je tegels gaat van je eigen score af.
  • Speel jij als eerste alles op, dan krijg je de restwaarde van je tegenstander er bij. Uitspelen is dus dubbel geld waard.

Tel de tegels

Alle 104 tegels zijn bekend — de volledige verdeling staat op deze site. Streep tijdens de laatste beurten af wat op het bord en je eigen rek ligt: wat overblijft, is exact het rek van je tegenstander. Vanaf dat moment weet je of die nog een S heeft om aan te leggen, een blanco achter de hand houdt, of vastzit met een dure medeklinker.

Plan je laatste twee beurten als één geheel

  • Uitspelen in twee zetten verslaat meestal één grote zet die je met tegels laat zitten. Splits je rek daarom vroeg in twee legbare woorden — de woordzoeker laat zien wat er in zit.
  • Houd geen dure letters achter: min 8 voor een blijvende X doet meer pijn dan een klein woord van 6 punten.
  • Zit je tegenstander vast (geen klinkers, een kale Q)? Speel dan langzaam: kleine zetten, hoekjes dichthouden, en laat de restwaarderegel het werk doen.
  • Sta je achter en kan de ander bijna uitspelen: zoek de zet die het meeste scoort én zijn aanlegplek blokkeert — in die volgorde.

De blokkade als wapen

In het eindspel is een vakje soms meer waard dan punten. Eén tegel op de enige plek waar de tegenstander zijn laatste woord kwijt kan, dwingt hem tot passen — en drie keer passen op rij beëindigt het spel met de restwaarden als afrekening. Controleer met de beste-zet-hulp welke zetten er op het bord überhaupt nog in zitten, ook voor je tegenstander.

← Alle strategieartikelen